“Kom naar het Nationaal Landschap Noordoost-Twente”. Loes Stokkelaar, wethouder van de gemeente Dinkelland, wil het wel van de daken schreeuwen. Stokkelaar beseft zich dat ze met toerisme en recreatie in haar portefeuille, goud in handen heeft met de ligging in een Nationaal Landschap. Toch blijft ze kritisch: “Het Nationaal Landschap moet nog meer gaan leven bij inwoners en toeristen.”
Volgens Stokkelaar is het belangrijk dat inwoners stilstaan bij hun eigen bijzondere leefomgeving. “Het landschap is al uniek en wordt door de status van Nationaal Landschap alleen nog maar mooier. Iets waar we met zijn allen trots op mogen zijn.” Zelf beleeft Stokkelaar de schoonheid van Noordoost-Twente door er met de fiets op uit te trekken. “Naast het prachtige en afwisselende landschap valt het mij op dat je soms een hele tijd niemand tegenkomt. Een prachtige manier om tot rust te komen en inspiratie op te doen.”
Uniek voor toeristen
Toch mag het volgens Stokkelaar best wat drukker worden in het Nationaal Landschap. “Noordoost-Twente is voor elk wat wils. Naast de prachtige natuur zijn er volop sfeervolle dorpen en steden. In combinatie met de uitstekende en vaak verrassende voorzieningen, zoals schuilhutten en boerderijlodges, maakt dit het gebied uniek voor toeristen.” Stokkelaar is dan ook trots dat het toekomstige bezoekerscentrum van het Nationaal Landschap een plekje krijgt binnen de gemeentegrenzen. “Dit centrum bij Natura Docet is een prachtig startpunt om Noordoost-Twente te ontdekken.”
Ontwikkeling
De samenwerking met andere gemeenten speelt volgens Stokkelaar een belangrijke rol bij de verdere ontwikkeling van het gebied. “Elke gemeente heeft haar eigen bijzondere elementen. In Dinkelland zijn dit bijvoorbeeld de omgeving van de Kuiperberg en het Stift. Door deze onder de vlag van het Nationaal Landschap te herstellen, behouden en versterken, werken we samen aan een wondermooi gebied.”
